Blog #9 Van afval naar design: recyclen, upcyclen en downcyclen in het interieur

In een wereld waar grondstoffen schaarser worden, kijken we in de interieurwereld steeds vaker met een nieuwe blik naar 'afval'. Waar we vroeger iets wegdeden zodra het zijn eerste doel had gediend, zoeken we nu naar manieren om materialen zo lang mogelijk in de loop te houden om een echt circulair interieur te realiseren. Maar hoe doen we dat precies? Je hoort vaak de termen recyclen, upcyclen en downcyclen, maar wat betekenen ze nu echt voor jouw project? We duiken in de verschillen en de impact ervan op een duurzaam interieur.

Wat is wat? De betekenis in de interieurbranche


Recyclen: De basis grondstof

Bij recyclen wordt een materiaal volledig afgebroken tot een nieuwe grondstof om daar weer een nieuw product van te maken. In het interieur zie je dit vaak bij materialen die 'puur' zijn.

  • Het proces: Het product gaat terug naar de basis (zoals korrels, vezels of pulp).
  • Interieurvoorbeeld: Oude katoenen gordijnen of kleding worden vervezeld om nieuw textiel of isolatiemateriaal van te maken. Of denk aan staal van oude meubelframes dat wordt omgesmolten voor nieuwe onderdelen. Of oude PET-flessen die worden omgezet in viltpanelen voor akoestische wandoplossingen of isolatiemateriaal.


Upcyclen: waarde toevoegen

Upcyclen is de meest creatieve vorm van hergebruik. Het materiaal behoudt grotendeels zijn vorm, maar krijgt een nieuwe functie die vaak waardevoller of mooier is dan het origineel.

  • Het proces: Reparatie, aanpassing of herbestemming zonder het materiaal energetisch af te breken.
  • Interieurvoorbeeld: Een oude houten vloer uit een gymzaal die wordt getransformeerd tot een vergadertafel.

Downcyclen:

Downcyclen is een vorm van recycling waarbij de kwaliteit van het materiaal afneemt. Het nieuwe product is minder zuiver of sterk dan het origineel, waardoor het uiteindelijk vaak alsnog uit de kringloop valt.

  • Het proces: Verwerking waarbij de oorspronkelijke zuiverheid verloren gaat door vermenging.
  • Interieurvoorbeeld: Gemengd houtafval van oude meubels dat wordt versnipperd en verwerkt tot spaanplaat. Door de toevoeging van lijmen en harsen daalt de kwaliteit en is het materiaal daarna bijna niet meer hoogwaardig te hergebruiken.

De voor- en nadelen op een rij


MethodeVoordelenNadelen
RecyclenBespaart nieuwe grondstoffen; minder afval op de stortplaats.Kost vaak veel energie (smelten/verwerken); kwaliteit kan afnemen.
UpcyclenZeer lage energie-impact; behoudt materiaalwaarde; unieke designitems.Lastig op grote schaal toe te passen; arbeidsintensief (handwerk).
DowncyclenBeter dan weggooien; geeft materialen een tweede (laatste) leven.Verlies van kwaliteit; de 'loop' stopt hier vaak; vraagt nog steeds energie.

Veelgestelde vragen


Is dit 100% circulair?

Niet direct. Hoewel deze methoden essentieel zijn, betekenen ze niet automatisch dat we volledig circulair bezig zijn:

  • Recycling verliest vaak een klein percentage materiaal tijdens het proces en vraagt veel energie.
  • Upcycling is fantastisch, maar vaak afhankelijk van een toevallige stroom 'afval' in plaats van een gesloten systeem.
  • Downcycling stopt de cirkel uiteindelijk omdat het materiaal niet meer hoogwaardig te gebruiken is.

Echt circulair ontwerpen betekent dat je al bij de tekentafel bedenkt hoe een product oneindig hergebruikt kan worden zonder verlies. Lees meer hierover in de blog over EcoDesign.


Hoe vaak kun je iets recyclen?

Dat verschilt enorm per materiaal. Sommige materialen hebben een 'eeuwig leven', terwijl anderen na een paar rondes letterlijk uit elkaar vallen. In de interieur- en recyclingwereld maken we onderscheid tussen twee groepen:


De 'oneindige' materialen (glas en metaal)

Deze materialen kunnen in theorie oneindig vaak worden gerecycled zonder dat de kwaliteit achteruitgaat. De atoomstructuur blijft namelijk stabiel, hoe vaak je het ook omsmelt.

  • Glas: Een glazen fles kan duizenden keren een nieuwe fles worden.
  • Metaal (aluminium en staal): Denk aan aluminium kozijnen of stalen meubelframes. Het omsmelten kost veel minder energie dan het winnen van nieuw erts, en de kwaliteit blijft 100% gelijk.


De 'beperkte' materialen (papier en plastic)

Bij deze materialen is er sprake van fysieke slijtage tijdens het proces. Elke keer dat je ze recyclet, worden de bouwstenen (vezels of polymeren) korter en zwakker.

  • Papier en karton (5 tot 7 keer): Papier bestaat uit houtvezels. Elke keer dat papier wordt vermalen tot pulp, breken die vezels. Na ongeveer 7 keer zijn de vezels zo kort dat ze niet meer aan elkaar hechten. Dan kan het alleen nog worden gebruikt voor producten als eierdoosjes of toiletpapier (het 'eindstation').
  • Plastic (vaak maar 1 tot 2 keer): Bij de meeste soorten plastic (zoals PET) raken de polymeerketens beschadigd door verhitting. Na een paar keer recyclen is het plastic te zwak voor de oorspronkelijke functie en wordt het vaak gedowncycled.

Is recyclen juist niet het allerbeste?

Nee, in de hiërarchie van duurzaamheid staat recyclen vrij laag.

  • Energieverbruik: Om iets te recyclen moet je het materiaal vaak verhitten, smelten of chemisch bewerken. Dat kost enorm veel energie. Bij upcycling behoud je de vorm en bespaar je die energie.
  • Kwaliteitsverlies: Bijna elke keer dat je bijvoorbeeld plastic of papier recyclet, worden de vezels korter en de kwaliteit lager. Dit noemen we dan eigenlijk direct al downcyclen.
  • De 'Loop': Recycling is vaak een 'open loop' (het wordt iets anders en verdwijnt daarna alsnog), terwijl we in een circulaire economie streven naar een 'closed loop' (waardebehoud).

Kan upcyclen maar één keer?

Nee, dat kan in theorie vaker, maar het hangt sterk af van het materiaal.

  • Voorbeeld (Hout): Een massief houten vloer (hoogwaardig) kan worden geupcycled naar een tafelblad. Als die tafel na 20 jaar niet meer bevalt, kan het hout van dat blad weer worden gebruikt voor kleinere objecten, zoals wandplanken of design-kandelaars. Zolang het materiaal 'puur' blijft, kun je blijven upcyclen.
  • De grens: Elke keer dat je iets bewerkt (zagen, schuren), verlies je een klein beetje materiaal. Uiteindelijk blijft er steeds minder over om mee te werken.

Kan downcyclen maar één keer?

Ja, meestal is downcycling het 'eindstation'.

  • Verontreiniging: Bij downcycling worden materialen vaak gemengd. Denk aan het spaanplaat-voorbeeld: houtvezels worden gemengd met lijm en harsen. Je kunt van die spaanplaat niet meer terug naar puur hout, en het is extreem lastig om die spaanplaat nóg een keer te recyclen tot iets anders zonder dat het uit elkaar valt.
  • Laagste waarde: Het materiaal is aan het einde van zijn functionele leven. Na downcycling rest vaak alleen nog verbranding (met energieterugwinning) of de stortplaats.

Conclusie

Vanuit een duurzaamheidsperspectief heeft upcycling de voorkeur, omdat het energie bespaart en de waarde van materialen behoudt. Wanneer dit niet mogelijk is, biedt recycling een alternatief om grondstoffen opnieuw te gebruiken, hoewel dit meer energie vraagt. Downcycling is een minder ideale oplossing, maar heeft de voorkeur boven het eindigen van materialen op de stortplaats. Na gebruik is de kwaliteit te laag is voor verder hergebruik.

Bronnenlijst

Loading footer...